HOME
 

 

 

 

Het immuunsysteem is van belang voor de bescherming tegen bacteriële en virale infecties. Helaas kan het immuunsysteem ook geactiveerd worden na een orgaan transplantatie wat kan leiden tot afstoting van het transplantaat. De cellen van het getransplanteerde orgaan worden namelijk als lichaamsvreemd herkend. Op alle cellen zijn unieke antigenen aanwezig die door de cellen van het immuunsysteem herkend kunnen worden. Deze antigenen worden in de mens humane leukocyten antigenen (HLA) genoemd. Omdat er veel verschillende antigenen gevonden zijn is het vaak onmogelijk om een donor te vinden die dezelfde HLA antigenen bezit als de patiënt. Daarom worden patiënten vaak getransplanteerd met organen waarop één of enkele HLA mismatches aanwezig zijn. Om een afstotingsreaktie te voorkomen worden de patiënten levenslang behandeld met afweeronderdrukkende medicijnen. Helaas hebben deze medicijnen vervelende bijwerkingen en onderdrukken ze ook de normale afweer waardoor er een verhoogde kans is op het ontstaan van infecties en kanker.

Het is dus van belang om een donor te vinden die qua HLA antigenen zoveel mogelijk overeenkomt met de patiënt. De HLA moleculen kunnen onderverdeeld worden in twee klassen. De HLA klasse I moleculen (HLA-A, -B en -C) komen voor op alle kernhoudende cellen en op bloedplaatjes. De HLA klasse II moleculen (HLA-DR, -DQ en -DP) komen voor op specifieke subpopulatie van witte bloedcellen. De vreemde HLA molekulen op het transplantaat kunnen herkend worden door T cellen en B cellen. De T cellen worden onderverdeeld in cytotoxische T cellen die een orgaan door direct cel-cel kontakt kunnen vernietigen en T-helper cellen die een regulerende rol hebben door het produceren van signaalstoffen (cytokines). De B cellen produceren antistoffen die het orgaan kunnen beschadigen.

Bij een aantal patiënten zijn er voor de transplantatie al antistoffen aanwezig die specifiek gericht zijn tegen de HLA antigenen op het transplantaat. Deze antistoffen kunnen gevormd zijn na zwangerschap, na een bloedtransfusie of na een eerder afgestoten transplantaat. Deze al aanwezige antistoffen kunnen een versnelde, hyperacute afstoting van het transplantaat veroorzaken. Daarom worden alle patiënten voordat ze een transplantaat ontvangen gescreend op het voorkomen van deze donorspecifieke antistoffen met behulp van een kruisproef. Als er donorspecifieke antilichamen gevonden worden zal de transplantatie niet doorgaan.

Uit eerdere studies is gebleken dat niet alle HLA mismatches even immunogeen zijn. Dat wil zeggen dat niet elke mismatch eenzelfde immunologische reaktie oproept. Er zijn HLA mismatches die geen of een zwakke immuunreactie teweeg brengen (acceptabele mismatches) wat leidt tot een vergelijkbare transplantaatoverleving als transplantaten zonder mismatches. Daarnaast zijn er ook HLA mismatches die een sterke immuunreaktie opwekken (taboe mismatches) wat resulteert in een sterk verminderde transplantaat overleving.

Copyright © 2003-2011 Erna's Diabetes-transplantatie - Disclaimer - Webmaster -